Open monumentendag 2001
Op visite bij de families Van de Hurk en Visser in 1938

Op Open Monumentendag had het streekhistorisch museum Tweestromen beslag weten leggen op een tijdmachine waardoor we een bezoek konden brengen aan de families van de Hurk en Visser in 1938. De Van de Hurks zijn "gewone miensen" met een groot gezin. De heer Visser is de notaris voor West Maas en Waal en hij en zijn vrouw zijn prominente burgers in het dorp.

Gewone mensen

Jan en Marja van de Hurk zijn "gewone, nette miensen". Jan heeft juist een moeilijke tijd achter de rug. Werkeloos geworden in de crisis heeft hij eerst een tijde van de steun geleefd. Het vernederende stempelen en pure armoede. Daarna heeft hij werk gekregen in de werkverschaffing. Met een schop en kruiwagen de Maas kanaliseren. "De Maas recht, de rug krom" zegt Jan. Onmenselijk zwaar werk voor fl. 7,00 in de week. Hier gaat nog eens fl. 3,00 vanaf voor de huur van hun eenvoudige huisje. 

Blijft er fl. 4,00 over waarvan Marja, zijn vrouw, het gezin overeind moet houden. Niet gemakkelijk voor een gezin met jaarlijks een kleintje, ook al heb je een keuje in 't hok en een moestuin voor de groente. Onbegrijpelijk dat Marja het toch redt. "Een pittig wefke, met haar handen goed aan het lijf" zeggen ze in het dorp.

De Van de Hurks zijn gastvrije mensen, waar iedereen altijd welkom is. Er staat altijd een grote pot slappe koffie op het fornuis en op verzoek krijg je een sloot koeienmelk in de koffie.

Notabelen

De Vissers horen met de dokter, de pastoor en de steenfabrikant bij de notabelen van het dorp. Ze praten netjes, eigenlijk een beetje bekakt, en hun woonkamer straalt uit dat ze het er goed van kunnen doen. Sjiek schenkt mevrouw Visser, met haar pink omhoog, een kopje  thee en vraagt charmant of de bezoeker of hij wolkje melk wenst. Klasse en stijl in West Maas en Waal.

De heer Visser is een bedaagde, zakelijke man. Hij kent zijn pappenheimers en weet hoe er mee om te springen. De tijden zijn slecht, er is erg veel armoede, maar voor een notaris is er altijd werk. Huizen en landerijen verwisselen van eigenaar, er worden hypotheken beschreven er zijn altijd testamenten en erfenissen te regelen. De slechte tijd brengt zelfs extra werk mee want als men het niet meer bolwerkt, en dat komt vaak voor, zijn er de gedwongen verkopen en openbare veilingen. Kortom: de Vissertjes maken het wel.

Liefdadigheid

Mevrouw Visser is, zoals het een gegoede burgeres betaamt, actief in de liefdadigheidsvereniging.Veel gezinnen komen in de problemen omdat de man de fles niet kan laten staan, maar daar is de liefdadigheid niet voor bedoeld. Dat is; "goed geld naar kwaad geld gooien". Daarom wordt er veel met bonnen gewerkt waarmee in de winkel gratis voedsel of kleding gehaald kan worden.Zo worden de vrouw en de kinderen, die er ook niets aan kunnen doen dat hun man of vader zich onverantwoordelijk gedraagt, in schrijnende gevallen toch geholpen.

Maar niet iedereen drinkt. Jan houdt het bij een mok koffie en een pijp tabak en Marja houdt wel in de gaten dat hij niet per ongeluk toch in de fout gaat. Maar een groot gezin, hoe zeer ook op prijsgesteld door de pastoor, kent ook als de man niet drinkt, zijn eigen problemen.

 's-Avonds moest, door gebrek aan verschoningen, Marja snel Jan zijn ondergoed wassen en proberen om het voor de volgende dag boven de kachel weer droog te krijgen. Dat lukte niet altijd en dan kon Jan de volgende ochtend  met een klamme onderbroek naar de Maas. 
De liefdadigheidsvereniging heeft bijgesprongen en voor extra ondergoed gezorgd, maar het steekt Jan nog steeds dat hij met een bonnetje in de hand naar de Es de Kock moest. Dat vergeet hij nooit meer. 

Meubelfabriek

Gelukkig is de steun en de werkverschaffing voorbij. Het gaat in 1938 eindelijk weer wat beter en Jan heeft nu een baantje op de meubelfabriek. Beter, schoner en minder zwaar werk en het betaalt ook wat beter dan de werkverschaffing. Ze kunnen zich nu toch wat beter redden.

De boks aan...

Marja regelt alles in en rond het huis. "Jan is ene goeie kal, maar Marja heeft de boks aan" zeggen ze in het dorp. Daar is niks verkeerd aan. want dit is de meeste gezinnen, gelukkig, zo. "Jan het een goed wijf: geen gat in de hand en ze kan het werk van d'r af krijgen" zeggen de mannen in het dorp als het zo eens ter sprake komt.

Op een groot fornuis staan altijd potten en pannen en hoewel ze het niet breed hebben is er geen honger. Op het platteland, met eigen keuje voor de thuisslacht en een moestuin is dit met hard werken, als de man oppast, net haalbaar. Kleding voor de kinderen wordt op het eigen naaimachientje gemaakt van afdragertjes. (Van een oom, tante, broer of zus die het wat beter hebben en soms ook van de liefdadigheidsvereniging.) De eigen kleren voor Jan en Marja zijn er de laatste jaren een beetje bij ingeschoten. Dat kan pas weer als de kinderen ook gaan verdienen. In de tussentijd lapt Marja, hoe goed of kwaad het gaat, de kleding van haarzelf en haar man maar een beetje op.

Praatstoel

Niet dat Marja thuis het hoogste woord heeft. Als Jan op z'n praatstoel zit, zoals vandaag, voert hij het woord en laat Marja hem maar praten. Pas als het om het huishouden gaat doet ze haar zegje. Ze draait nergens omheen en gaat geen onderwerp uit de weg. Wilhelmientje (de koningin), Juliana, Bernhard en en de opbouw van het Oranje gezinnetje worden even vrijelijk besproken als de besteding van de late avond en de oorzaak van de grote gezinnen. Politiek is niets voor Maas en Waalse vrouwen uit 1938. Dat is een mannenzaak.

Centrum of uithoek

Voor Jan en Marja is Maas en Waal het centrum van de wereld. Goed, Marja is wel eens in Nijmegen -een wereldstad - geweest en heeft daar nieuwerwetsigheden als kraanwater en een doortrek plee gezien, maar wat is er mis met de pomp en de plee thuis, ook al kan de laatste soms wel erg stinken. Maar ja, al die nieuwigheden kosten maar geld en in Maas en Waal wordt lang niet zo goed verdiend als in de stad. Dus eigenlijk is het toch maar dromen.

Mevrouw Visser vindt Maas en Waal maar een uithoek, ook al zal ze dat nooit hardop zeggen. Voor het huishoudelijk werk heeft ze haar huispersoneel en door het gebrek aan contacten op haar eigen niveau zijn daardoor de dagen soms erg lang. Het voorzieningenniveau op het dorp is niet ingesteld op "ons soort mensen" en voor haar japonnetje moet ze dus echt wel naar Nijmegen. Gelukkig heeft Notaris Visser sinds kort een Fordje en kunnen ze door de nieuwe van Heemstraweg, die al tot Druten klaar is, wat gemakkelijk naar Nijmegen en Arnhem waar de meeste familie woont. 

De heer Visser voelt zich wel thuis in Maas en Waal. Hij heeft door zijn werk veel meer contacten en is van de mentaliteit van de Maas en Walers gaan houden. Hij is wat introverter dan zijn vrouw en heeft voldoende aan zijn werk, krantje en boeken en zijn status als notabele. Na het eten zien de Leeuwenaren de "De Vis" zoals hij genoemd wordt, vaak tevreden een ommetje door het dorp maken en soms stiekem een borreltje achterover slaan bij Daatje van de Werdt.    

Extra dimensie aan het museum

Na dit reisje in de tijd, kijk je toch met andere ogen naar het museum. Het blijft met alle mooie voorwerpen uit vroeger tijden nostalgie uitstralen en ongewild krijg je het gevoel dat  vroeger "geluk heel gewoon was."

Met dit initiatief van de "levende huiskamers" is het gelukt om het museum nog een andere dimensie te geven. Wat bij ons nostalgie opwekt, was voor de mensen die er echt in leefden, de omgeving waarin een keihard gevecht gevoerd werd om te overleven en een waardig bestaan te veroveren.
Treffend is tot uitdrukking gebracht hoe door de combinatie van de crisis, grote gezinnen en de achterstandspositie van het platteland het leven in Maas en Waal extra hard was.

Creatieve vondst

Het tegenover elkaar zetten van  twee sociale klassen, "gewone mensen" en notabelen is een creatieve vondst. De vooroorlogse klassenmaatschappij was toch heel anders, met zijn eigen scherpe kantjes, dan de verzorgingsstaat waarin we nu leven. Tevens wordt door deze vondst op een natuurlijke manier de vooroorlogse isolatie van West Maas en Waal zichtbaar. De reis van Dreumel, Wamel of Leeuwen naar Druten was een groter avontuur dan het ritje van Druten naar Nijmegen over de in 1938 net voltooide Van Heemstraweg.

Uitstraling

De "levende huiskamers" hebben ook een uitstraling over het gehele museum. Alles wat er staat, van de winkel van vroeger tot het slaapkamertje van de nonnen gaat er door leven en krijgt extra betekenis. De geheel uit vrijwilligers bestaande staf van het Streekhistorisch museum Tweestromenland heeft met dit initiatief terecht veel waardering geoogst. Zonder uitzondering waren de reacties van het publiek positief. kortom een initiatief dat voor herhaling vatbaar is.  

 

 

Open Monumentendag in het Land van Maas en Waal

Met de Open Monumentendag wordt landelijk de aandacht gevestigd op de vele monumenten die ons land gelukkig nog rijk is.

Vrijwilligers

De levende huiskamers zijn geheel door vrijwilligers van het Streekhistorische Museum Tweestromenland georganiseerd. De voorbereidingen zijn al maanden geleden gestart en vooral de laatste weken is er veel aan gewerkt.

Openingstijden

Het museum is op zondag, dinsdag en woensdag van 14.00 tot 17.00 uur voor het publiek geopend. Eerste Kerst, Paas en Pinksterdag is het museum gesloten. Op tweede Kerst-, Paas- en Pinksterdag en Nieuwjaarsdag is het geopend. Voor groepen zijn, op afspraak, op afwijkende tijden en rondleidingen mogelijk.

In het museum zijn doorlopend wisseltentoonstellingen. Naast de vaste collectie presenteren deze een steeds wisselend beeld van het rivierenland.

Bel voor afspraken 0487 - 595002 of 0487 - 591535.
Er is voldoende parkeergelegenheid bij het museum.