De Kippentocht 
Lekker toeren met de Solexclub "'t Lup gesmeerd"

Wat is toch de charme?

De Solex: een technisch wondertje van pisbakkenstaal en een verpletterende simpelheid, maar o zo lekker voor een ritje op een mooie zomerdag.

Een mooie zonnige zondagmorgen in juli. Een twintigtal welvarende mannen en vrouwen tussen veertig en zestig bijeen voor een tochtje door het mooie rivierengebied. Niet in de mooie, goed verzorgde auto's die ze hebben, niet op een high-techfiets met aluminiumframe en 21 versnellingen, niet op een motorfiets met een meer dan honderd pk, turbo en elektronische injectie. Het tochtje gaat gaat op de Solex. Een fiets met een motortje. Geen aluminium, maar gewoon pisbakkenstaal, geen versnellingen, geen turbo, geen elektronische injectie en geen startmotor. Een summum van simpelheid. 

Wat is hiervan de charme in een tijd waarin bediening van de simpelste TV of videorecorder een ingenieur vereist en een apparaat, naar het lijkt,  pas verkocht kan worden  als het  minstens honderd ingewikkelde functies heeft die je alleen maar in de weg zitten. Wat moet je met een brommertje uit een vergeten tijd dat met 25 km per uur voortpruttelt als een brommer of scooter die maximaal veertig mag, je met dubbele snelheid voorbijscheurt en een auto die nergens harder dan 120 mag pas verkocht kan worden als hij minstens 180 km/u haalt.

Sportief op de Solex. Hier het model dat, toen productie in Europa te duur werd, nog een tijdje in China gebouwd is.

Toen geluk heel gewoon was

De eerste Solexen verschenen in 1948 op de Nederlandse wegen in een tijd dat Nederland nog aan het bekomen was van de ellende van de Tweede Wereldoorlog. Met man en macht werd gewerkt aan het herstellen van de schade van de oorlog en het weer op gang brengen van de naoorlogse economie. Dit tijd dat men 's-avonds luisterde naar de Bonte Dinsdagavondtrein of een hoorspel , want TV was er nog niet. De tijd dat je zaterdag het loon nog in loonzakje kreeg en pakje sigaretten 80 cent (Euro 0,37) kostte.

De Sloex was in de vijftiger jaren bedoeld voor "Jan de met de pet." dit lid van "'t Lup gesmeerd" neemt dit wel erg letterlijk, maar geniet er daarom niet minder van de Kippentocht.

De Solex was voor de gewone man in de tijd financieel de enige haalbare mogelijkheid om zich gemotoriseerd voort te laten bewegen en zelfs dat was niet goedkoop. Hoewel de eerste Solexen op de markt ongeveer negentig euro kostten kwam dit in deze tijd voor een arbeider nog overeen met bijna een maand werken. De eerste klanten gebruikten hun  Solex dan ook vaak voor hun werk. In de vijftiger jaren van de vorige eeuw was de Solex o.a. populair bij wijkzusters en verzekeringsagenten die hun klanten gemotoriseerd in plaats van op hun fietsje konden bezoeken. De gewone man op en Solex was begin vijftiger jaren nog een pionier.

De proffesionel gebruiker, vaak wijkzuster of verzekeringsagent, moest goed gekleed zijn op koude, weer en wind. Deze Solexrijder geeft een goed beeld van deze speciale klasse Solexrijders die op hun manier een bijdrage leverden aan de wederopbouw na de oorlog. 

Technisch wondertje

Bekeken vanuit de fabrikant was de Solex een innovatief wondertje waarin alles gericht was op het financieel bereikbaar maken van gemotoriseerd vervoer voor de kleine man. Een Solex had geen koppeling zoals we die kennen in elke  auto en motorfiets. In plaats daarvan is de motor scharnierend opgehangen en kan gekoppeld  worden door de motor met een simpel hefboompje op het voorwiel te laten zakken.. Ontkoppelen werkt juist andersom: met het hefboompje wordt de aandrijfrol vrijgemaakt van het voorwiel. 

Van een startmotor had men nog nooit gehoord. Starten kan door gewoon hard te trappen en de motor met het voorwiel te koppelen. De motor pruttelt even, slaat aan en neemt de aandrijving van de berijder over. 

Moet de hefboom kan de bestuurder de moter kantelen en zo de aandrijving koppelen of ontkoppelen. Een voorbeeld simpele oplossingen waarmee gemotoriseerd vervoer betaalbaar gemaakt werd. 

Een Solex heeft ook geen versnellingsbak. De aandrijfrol zit direct op de krukas en wordt dus meteen met het voorwiel gekoppeld. Tegen een steile helling op, niet terugschakelen, maar het motortje helpen door mee te trappen. Remmen gebeurt met gewone velgremmen, zoals we die nog steeds op een sportfiets aantreffen, voor de verlichting zorgt een gewone fietsdynamo.

De Solexen van "'t Lup gesmeerd". Na een goede poetsbeurt komt na een leven van vele jaren dienst in weer en wind en een oude dag vergeten in een schuurtje, weer een verjongd glanzend voertuigje te voorschijn waarop de eigenaar trots kan zijn.  

 Zo was op elk detail gezocht naar kostenbesparing en konden de gloednieuwe eerste Solexen voor minder dan 90 euro in glimmend de etalages van de naoorlogse fietsenmaker staan. Hoewel eenvoudig was het wel een kwaliteitsproduct, anders konden de Solexen, na een werkzaam leven van vele jaren in weer en wind nu niet, tevreden knorrend, dienst doen bij de vele Solexclubs die als paddestoelen uit de grond schieten.

Solexcultuur

De Solex beleefde, in commercieel opzicht, zijn beste tijd in de jaren vijftig van de vorige eeuw. Toen de welvaart toenam werden de 'echte brommers" populair en kreeg de Solex, onterecht, maar begrijpelijk, een "ouwe wijven" imago.

Sportief en hip: de Solex is weer helemaal in. Maar dit is wel anders geweest. Toen in de jaren vijftig de  welvaart een beetje toenam wilde men een 'echte brommer, of, het summum van de welvaart, een autootje. Zo gingen we, dachten we, op weg naar camping en vakantie niet wetend dat deze weg uiteindelijk zou eindigen in broeikast effect, milieuvervuiling en uit de pan reizende olieprijzen. Maar juist hierdoor is het Sneeuwwitje van de de vooruitgang weer wakker gekust en helemaal terug van weggeweest. En wees nu eens eerlijk: zoals deze charmante jongedame zwierend door de bocht is toch veel leuker dan in een bloedhete auto in de file op de autoweg.

Solex rijden kende, ook zijn eigen cultuur. In de maatregelen, om geld te besparen, werd op de eerste modellen de gastoevoer geregeld met een eenvoudige gashandle aan het stuur die met de duim bediend kan worden. Om een lamme duim te voorkomen kan deze handle in een bepaalde stand vergrendeld worden. Dat gaf bij onervaren rijders nogal eens problemen, want in de ijver het voertuigje onder de knie te krijgen werd deze vergrendeling vergeten en was de berijder overgeleverd het een ijverig motortje waarvan hij niet meer wist hoe het te stoppen. De oorzaak van menig ongeluk, want de ongelukkige berijder zag vaak geen andere mogelijkheid dan het voortuig tegen een boom of ander stilstand tot staan te brengen. Een techniek die op zijn minst wat schrammen en niet zelden een nat pak in een modderige poldersloot opleverde.

Een oom van me had een andere oplossing voor dit probleem. Hij bleef zolang in de polder rondtoeren tot de tank leeg was. Deze is slechts ruim ruim een liter, maar bij een verbruik van 80 km per liter kun je dan toch heel wat zien van het mooie Maas en Waal. Uiteindelijk was het op de meest verlaten plaats tussen de Dreumel en Alphen en  zover dat, na een paar keer proesten en pruttelen, het laatste drupje benzine op was. Op zich niet zo'n groot probleem want een Solex zonder benzine wordt weer gewoon een fiets. Het weer was echter gedurende de prachtige tocht betrokken en de terugweg naar Druten werd voor mijn verdwaalde oom, door stortbuien, bliksemflitsen en donderslagen nog  een natte, onaangename en onvergetelijke gebeurtenis.

Een innovatieve oplossing voor de kleine tank. Een blik benzine dat in een speciale houder bevestigd kon worden. Een Sloexrijder was, en is, niet voor één gat te vangen. 

Deze en soortgelijke avonturen waren geen zeldzaamheid. De kleine brandstoftank was berucht en leidde vaak tot een vroegtijdig, ongewild einde van de tocht. De ervaren Solexrijder lost dit op met een fles benzine in de fietstas en de het straatbeeld werd verreikt met de Solexrijder die op de mest onmogelijke plaatsen zijn trouwe voortuigje bijvoederde met een slokje mengsmering.

Even rommelen in het kleine gereedschapssetje voor en bougiesleutel en een bougieborsteltje, even sleutelen en het probleem is opgelost. De innovatieve franse ingenieurs die de Solex ontwikkelden hadden zelfs aan dit probleem gedacht. In de tijd dat geluk heel gewoon was de weg-werp-maatschappij nog niet uitgevonden en waren de mensen nog zelfredzaam. De Solex enthousiasteling is dat nog steeds.   

Een ander vaak voorkomend probleem is een verstopte sproeier, eigenlijk een gevolg van de zuinigheid waarmee de brandstof aan het motortje toegevoerd werd. Een beetje ervaren Solexrijder weet dit probleem met bolle wangen en flinke stoot lucht uit de wereld te helpen. De constructeurs van de Solex hadden alles goed bereikbaar gemaakt en het bijgeleverd gereedschapssetje kan in de meeste gevallen elk probleem door de berijder snel en simpel opgelost worden.

Kippentocht

 De Maas en Waalse Solexclub heet "'t Lup gesmeerd". ("Het loopt gesmeerd.") De jaarlijkse Kippentocht, waarvoor de club deze mooie zondag bijeenkomt, loopt ook gesmeerd. Uit alle windstreken komen de deelnemers op hun voertuigje aangesnord bij de Juliushoeve, een pluimveebedrijf met voorzieningen voor bezoekers, dat verzamelplaats en start- en eindpunt van de tocht is. Gesprekken gaan over de juiste verhouding van de mengsmering en de bezoekers bewonderen de laatste aanwinsten van de leden.

Toen de welvaart toenam en de mensen zich een brommer met meer luxe een een sterkere motor konden veroorloven kreeg Solex het moeilijk. De Solex die lang in alle kleuren te krijgen was, zolang het maar zwart was, werd nu zelfs in hippe kleuren leverbaar. Erg populair zijn ze niet geworden want je ziet ze maar zelden. Maar hier is er toch eentje.
  

  
Gasten zijn deze keer leden van Solexclub "Pegasus" uit Oosterbeek bij Arnhem. Zij zijn al vroeg vertrokken en hebben al een hele tocht afgelegd. Reden dat  na een eerste enthousiaste begroeting de fietstassen opengaan, want het voertuigje kan wel weer een slokje gebruiken. Komt het even goed uit dat bij een benzineprijs van rond de Euro 1,42 het gebruik slechts één op tachtig is. Kun je nog eens een lange neus trekken tegen de nieuwlichters in hun één op zes gebruikende jeeps, four-wheel-drives en SUV's. 

 

Liefdevol, alsof het om een zuigflesje babyvoeding gaat mengt een van de leden de mengolie bij de benzine.

Een van de gasten uit Oosterbeek heeft technische problemen. Bij de oprit van de Prins Willem Alexander brug gaf zijn voertuigje het op en met een Solex de steile oprit van de brug nemen zou zelfs voor Lance Armstrong een uitdaging zijn. Geroutineerd wordt het gereedschapssetje geopend en de bougie eruit geschroefd. "Dacht ik het niet", juicht het slachtoffer als hij met een oog dichtgeknepen de bougie inspecteert "een pareltje". "Daar moet je zuinig op zijn" zegt een ander lid van de club.

Zoals een goede ruiter eerst voor zijn paard zorgt en dan pas voor zichzelf,  geeft deze Oosterbeekse haar machientje eerst en slokje voordat ze naar de gastenruimte van de Juliushof gaat voor de koffie. 

 "En want denk je van die (zweet)pareltjes op mijn voorhoofd" is het rake antwoord. Even borstelen om de bougie weer schoon te maken en, voila, het machientje pruttelt weer tevreden. Klaar voor nieuwe avonturen.

"Een pareltje!" Even borstelen en het probleem is opgelost. Kom hier eens om in de garages voor hedendaagse auto's  met evenveel computers als in een ruimtevaartcentrum. 
  

Na een bakje koffie vertrekt men voor een eerste ritje van anderhalf uur. Terug op de Juliushof een gezellige lunch en daarna nog een tochtje van anderhalf uur door het mooie Rivierengebied. Gemiddelde snelheid 25 km/uur, genieten van zon en natuur. Hierna nog gezamenlijk even lekker napraten met een drankje en hapje en men kan weer terug nar huis snorren.

De machientjes verzorgd en.... dan is er koffie. Gezellig bijpraten in het bezoekerscentrum van de Juliushof. 

Charme

Geen turbo en brandstof injectie waarvoor je naar een garage moet die zo vol staat met computers dat het een ruimtevaartcentrum lijkt, maar een machientje dat op je gang houdt met een borsteltje alsof je een geliefde streelt en waarbij je een vuiltje uit de sproeier verwijdert alsof je een kus geeft. Geen helpdesk met een koele telefoonjuf met computerstem, maar vrienden waarmee je plezier kunt maken. Geen grommende, benzine slurpende patserbakken, waarvan de enige verdienste is dat hij duurder is dan die van de buurman maar een vriendelijk snorrend voertuigje uit het tijdperk toen geluk nog heel gewoon was. Bij "'t Lup gesmeerd" en Pegasus weten ze hoe geluk gewoon te houden. Dat is de charme van de Solex en de  Solexclubs.

        Lekker toerend door de natuur op een tevreden snorrend machientje. Eén-wieldrive, geen turbo, elektronische ontsteking en brandstof injectie, maar wel pure functionaliteit om puur te genieten.

Meer foto's ....