Veteranendag
Wie zien we vanavond nog terug?

Het is een gemêleerd gezelschap dat zich deze zaterdagochtend 27 juni in het gemeentehuis verzameld heeft. Grijs overheerst, de meesten keurig in het pak, maar op deze warme dag is de stropdas veelal thuis gelaten. De jongere veteranen, van de vredesmissies, wat fleuriger in zomerkleding. Vrouwen ontbreken. De West Maas en Waalse veteraan is een man.

Veteranen bijeen op veteranendag in het Gemeentehuis van West Maas en Waal. Netjes in het pak, want zo ga op visite bij de burgemeester.

Achttien veteranen hebben zich in hier verzameld om Veteranendag te vieren. Een sober feestje. Een kopje koffie met een roomsoesje. Een welkomstwoord van de organisatie en een woordje van de burgemeester. 

Uitgezonden naar een ver en gevaarlijk land

Maar het maakt allemaal niet, want je ziet hier elkaar weer eens. Mensen die ook uitgezonden zijn. Dus wordt er vooral gepraat over hoe het vroeger was en hoe het nu gaat. Waarom is Wim er niet?  Kon Jan niet? De grootste missies waren de politionele acties in Indonesië. Duizenden dienstplichtigen werden uitgestuurd naar een ver, onbekend en gevaarlijk land om "ons Indië" te behouden. Maar deze acties zijn allemaal ruim zestig jaar geleden en de veteranen zijn dus rond de tachtig. Deze generatie dunt uit. Jan, Wim en de anderen die zich niet laten zien zijn ziek of gestorven of hun gezondheid is zo slecht dat ze zelfs een dag als deze niet meer aankunnen.

Ook jongere veteranen die de gevaren van Cambodja, Irak, Afghanistan en Bosnië kennen. Totaal verschillende landen, maar toch 
veel overeenkomsten in de ervaringen. 

Opa vertel eens

Hoe was het? Opa vertel eens? Ze kennen het allemaal. Soms gevraagd uit echte belangstelling, vaak uit beleefdheid of bij gebrek aan een ander onderwerp. Maar veteranendag is anders. Dan praat je met kameraden die het zelf meegemaakt hebben. Die het begrijpen. Dan kun je kwijt waar je soms 's-nachts nog van wakker schrikt. Dat is de waarde van veteranendag.

Waar het echt om gaat

Hoe was het? Hoe is het om als een eenvoudige jongen opgeroepen te worden, gekeurd, een harde training, de eerste keer de zee zien, op een boot naar de andere kant van de wereld? Het voeren van een strijd die nogal ver van je af staat. Onduidelijke politieke motieven. Vrijheidsstrijd of een strijd om de macht van een nieuwe politieke elite.

Pratend met de veteranen kom je er snel achter dat dit spel op de achtergrond is. Als militair is het vooral een strijd om er niet aan ten onder te gaan. Waar het echt om  gaat is je eigen leven en het leven van je kameraden. Overal vijandschap, overal gevaar.

Dit vergeet je niet. Nooit.

Een van de veteranen: "Een verre post was afgesneden geraakt van de basis. Al een paar keer was geprobeerd om vanuit de basis de post te bereiken en tekens was men op tegenstand gestoten en onverrichter zake teruggestoten." Hij slikt even en zoekt naar worden, maar gaat dan verder: "De sergeant zij op een ochtend: wat er ook gebeurd, we gaan door. Zo gingen we met vieren in een drietonner op stap, en zo gebeurde het ook. Onderweg waren er schermutselingen, maar er werd doorgereden. Toen we op de afgelegen post  aankwamen stapten er vier uit." Nog even stilte nog even slikken, dan: "de vierde vonden we met een kogel" hij wijst op op zijn borst" hier erin" en op zijn rug wijzend "hier eruit." We zwijgen beiden. Dit vergeet je niet. Nooit.

De rode draad: "Wie zien we vanavond terug?"

Dit is de rode draad die door alle verhalen loopt. "Wie zien we vanavond terug?" Het maakt niet of jezelf in de patrouille zit of kantinedienst. Je bent zo dicht met elkaar verbonden dat elk incident, dood of gewond raakt alsof je het zelf bent. Het maakt niet of je in Maas en waal bij de Stoottroepen gevochten hebt in Nederlands-Indië, Nieuw-Guinea, Cambodja, Bosnië, Cambodja, Irak of Afghanistan. Overal is de centrale vraag, dag in dag uit:  "Wie zien we vanavond terug?"

Terug naar de veertiger jaren

Wat bij de veteranen uit Tweede Wereldoorlog en Nederlans-Indië opvalt is de veranderingen die Nederland de laatste zestig jaar doorgemaakt heeft. In de veertiger jaren van de vorige eeuw was Nederland nog een arm land. Nederland had niets meer en moest vaak vechten met de afdankertjes van de geallieerden. Een van de veteranen: "Toen we in Nederlands-Indië aankwamen zei de garnizoens- commandant in zijn welkomstwoord: 'Je zult moeten rooien met de riemen die we niet hebben.'" 

De Stoottroeper waren vrijwilligers uit Noord-Brabant, Limburg en Maas en Waal die samen met de Canadezen in de winter van 1944-45 de frontlinie tussen het bevrijde Zuid Nederland en het nog door de Duitsers bezette Noord-Nederland verdedigden. Een taak die veel levens gekost heeft. De gevallenen worden nog jaarlijks op de tweede zondag van oktober herdacht bij de gedachteniskapel aan de Pastoor Zijlmanstraat in Beneden Leeuwen. Hier de erewacht tijdens de herdenking bij de drie gesneuvelde Stooptroepers die hier begraven zijn. 

Maar ook de voorbereiding was slecht. Een andere veteraan: "De oefeningen in Nederland werden gegeven door beroeps die, bij wijze van spreken, nog nooit de grens over geweest waren. Laat staan in Indonesië. Liepen we 's-nachts op de St. Pietersberg te oefenen. Zinloos. Wat ons te wachten stond hebben we pas geleerd op de smalle dijkjes tussen de rijstvelden, waar elke stap die je er zette je laatste kon zijn."

Je wist wat vrijheid waard was en zei dus geen nee

Toch klinkt er geen verbittering. Moeilijk te begrijpen in het verwende Nederland van de eenentwintigste eeuw. Om het te begrijpen moet je terug naar het Nederland van de veertiger en vijftiger jaren van de vorige eeuw. Nederland had juist een brute oorlog achter de rug die duidelijk gemaakt had dat vrijheid het verdedigen waard was. Als er een beroep op je gedaan had zei je geen nee. Nederland was arm. Dat merkte je als militair, maar dat merkte je ook thuis.

Soms wel hard was de thuiskomst. Anderen hadden aan hun toekomst kunnen werken, jij stond als afzwaaier nog helemaal met lege handen. Maar dat werd in het algemeen snel ingelopen, want je bracht wel een vracht aan levenservaring en mensenkennis mee. Iedereen die ik spreek zegt: "Achteraf terugkijkend zeg ik: die tijd had ik niet willen missen."

Een gedreven Ben van Teeffelen pleit voor het behouden van het vele materiaal dat er is onder de veteranen. Ben: "We moeten proberen te voorkomen dat de vele aandenkens aan de tijd van vroeger verloren gaan. 

Voor ons, de veteranen, betekenen ze veel, maar voor onze nabestaanden ligt dat vaak anders.

Voor wat hen niets meer zegt, moet er een plaats komen waar het niet verloren gaat. Toekomstige generaties zullen er ons dankbaar voor zijn."

Volop plannen en bruisend van energie

De leiding van "Organisatie veteranen West Maas en Waal" bruist van energie. Er wordt met het streekmuseum gepraat over regelmatige activiteiten voor veteranen. In de nieuwe serre van het streekmuseum is straks wel ruimte voor deze activiteiten. In omringende dorpen bestaan ook dergelijke "veteranencafés" die duidelijk in een behoefde voorzien. 

Ook wordt bekeken of het niet haalbaar is om de herinneringen aan vroeger te behouden. Bijna alle veteranen hebben nog herinneringen aan hun missie die met liefde bewaard worden, maar de zorg is wat er gebeurt bij overlijden. Zou het niet beter zijn dat materiaal waarvoor in de familie geen interesse meer is op een centrale plaats terecht komt waar het gebruikt kan worden voor tijdelijke of een permanente tentoonstelling? 

Jack Beurskens van Veteranen West Maas en Waal: "We bekijken samen met het Streekmuseum wat we kunnen doen. 
Voor de veteranen, maar ook voor de jeugd. Nu zijn we er nog, maar veel tijd hebben we niet meer."

Verder wordt gepeild in hoeverre veteranen bereid zijn om mee te werken aan educatieve contacten met scholen en jongeren. Hoe goed een leraar of onderwijzer ook is: er gaat niets boven het verhaal van iemand ie het zelf meegemaakt heeft. Het verhaal uit de eerste hand.

Hoe ouder je wordt hoe belangrijker het terugkijken

Mooie initiatieven waaraan gewerkt wordt. Maar het belangrijkst blijft toch wel een plaats waar je elkaar kunt ontmoeten en met elkaar kunt praten. Daar is iedereen het over eens. Burgemeester Steenkamp, wiens schoonvader ook veteraan is,  zei het al in zijn toespraakje: "De verhalen blijven terugkomen en zelfs vaker naarmate je ouder wordt. Dat maakt ook niet. Het is een middel om te verwerken wat je meegemaakt hebt." Veteranendag 2009 bevestigt dit en komende veteranendagen zullen het ook bevestigen. Sommige dingen vergeet je niet. Nooit.

MaasWaalWeb, 28 juni 2009