Trots van Beneden Leeuwen prooi van slopers

In de vijftiger en zestiger jaren van de vorige eeuw was Beneden Leeuwen het centrum van de Maas en Waalse meubelindustrie en Walraven en Bevers werd algemeen beschouwd als het succesvolste bedrijf in deze branche. Voor menig Leeuwenaar is de sloop van de trotse fabriek aan de Van Heemstraweg het einde van een tijdperk.

Het gedeelte van de fabriek van Walraven en Bevers dat al gesloopt is.
De inzet rechtsboven toont dit gedeelte vr de sloop.

Het was niet de oudste meubelfabriek, dat was Salet aan de Korte Brouwersstraat, maar zeker de grootste. In de gloriejaren had Walraven en Bevers rond de 150 medewerkers en bezorgden eigen vrachtwagens Wbe Meubelen bij meubelzaken in geheel Nederland en Belgi. 

In West Maas en Waal kwamen in de jaren na de Tweede Wereldoorlog tientallen meubelbedrijven en bedrijfjes tot bloei. In Beneden Leeuwen waren naast Salet en Walraven en Bevers, de grootste fabrieken Eltink, Van Tiem en Goretti. Boven Leeuwen had Van Kerkhoff, Wamel Kalkers Vermeulen, Druten de Trio en Reuser, Dreumel van Gelder, Frans Bevers en Greefa. Het landelijk bekende Eltink Wijchen, een van de eerste bedrijven in Nderland, die op grote schaal radioreclame gebruikten, had Leeuwense wortels. Naast de grotere meubelfabrikanten waren er nog vele kleinere bedrijven die vaak werkten als toeleverancier.

De grotere meubelfabrikanten verdienden in de gloriejaren veel geld 
en besteedden dit onder andere aan mooie villa's.

In de zeventiger jaren van de vorige eeuw begon het terug te lopen, maar de meubelindustrie is belangrijk gebleven voor Maas en Waal. Fabrieken, met meer dan honderd werknemers zijn er niet meer, maar de tientallen kleinere bedrijven zorgen nog voor vele honderden arbeidsplaatsen.

Het is nooit echt duidelijk geworden waaraan Beneden Leeuwen en Maas en Waal  de opkomst van de meubelindustrie te danken hadden. In Beneden Leeuwen wordt vaak als verklaring genoemd het faillissement van de scheepswerf van Meijer. De scheepstimmerlieden, goede vaklieden, die werkeloos werden, zouden noodgedwongen omgeschakeld naar het maken van meubels. Dit zou een verklaring kunnen zijn. Wat zeker ook geholpen heeft was dat in de bloeiperiode van de meubelindustrie Maas en waal een van de gebieden in Nederland met de laagste lonen was hetgeen, naast het vakmanschap, geholpen heeft om met kwaliteit voor een betaalbare prijs de markt te veroveren.

Evenmin als echt duidelijk is waarom de meubelindustrie een bloeitijd doormaakte is echt duidelijk waarom het vanaf de zeventiger jaren niet meer lukte. Sommigen verklaren het door gebrek aan schaalgrootte. Het is echter maar de vraag of fusies en schaalvergroting echt een oplossing gebracht hadden. Kijken we naar andere voorbeelden dan zien we dat het even helpt, maar dat daarna de klap allen maar groter is. 

Een andere verklaring die we wel horen is dat Maas en Waal geen eigen stijl ontwikkeld heeft en zich daarom niet met een eigen gezicht een positie in de markt kon verwerven. Misschien heeft dit meegespeeld, maar of dit het tij had kunnen keren is ook maar de vraag. 

De scheepswerf van Meijer die jarenlang ruimschoots de grootste werkgever van Beneden Leeuwen was. In 1930 stopte de werf. Niemand zal het indertijd vermoed hebben, maar het werd het begin van 
het gouden tijdperk van de meubelindustrie.

Eerder lijkt het erop dat de meubelindustrie ook het slachtoffer is van de trend dat in de periode na de Tweede Wereldoorlog Nederland de ene na de andere industrie verloor. De concurrentiekracht van Nederland is gestadig uitgehold en het lijkt er op dat we hiervan het eind nog niet in zicht hebben.

Dat toch nog veel kleinere, gespecialiseerde bedrijven zich aan deze krachtige trend kunnen onttrekken verdient bewondering en schept ook hoop voor de toekomst. Misschien liggen hierin wel de zaadjes voor een herleving van de gloriejaren in het midden van de vorige eeuw. De opkomst van Intel en Microsoft viel ook samen met de het einde van de eerste generatie computerindustrie. De sloop van het oude Walraven en Bevers is dan geen eindpunt maar, zoals de ondergang van Scheepswerf Meijer, een beginpunt voor nieuwe bedrijvigheid in het Land van Maas en Waal.

 MaasWaalWeb, 27 januari 2009